terug naar Alle Projecten Projecten

Schoon en klimaatneutraal koken in India

Pamamma komt uit Renumakalahalli, een dorp niet ver van Chickballapur. In de deuropening van haar huis, in gezelschap van haar moeder, zit Pamamma sigaretten te rollen. Zij is niet de enige; in haar dorpje van ongeveer 40 huisjes zie je overal vrouwen in lotushouding behendig sigaretten rollen. Vrouwen rollen, mannen roken. Ongeveer een jaar na de geboorte van zoon werd Pamamma door haar man verlaten waardoor het leven erg zwaar werd. Als alleenstaande vrouw werkte ze als koelie (dagloner) op het land van anderen en probeerde ze tegelijkertijd, met hulp van haar moeder, haar huishouden draaiende te houden. Ze besteedt daarnaast ongeveer 5 uur per dag aan het rollen van sigaretten.

Voordat Pamamma biogas had, had ze alleen in de avonduren tijd en dat was verre van ideaal; bij stroomuitval moest er regelmatig zonder licht gewerkt worden. Nu ze geen hout meer hoeft te sprokkelen en ook minder op het land van anderen werkt, kan ze overdag sigaretten rollen. Voorheen rolde ze er zo'n 600 per dag, nu bijna twee keer zoveel. Voor iedere 1000 sigaretten ontvangt ze 70 Roepies (€1,13). Haar inkomen is bijna verdubbeld en hoewel het leven nog steeds zwaar is, gaat het met haar en haar gezin steeds beter sinds ze gebruik kunnen maken van biogas.

Het is half zes in de middag als Pamamma's zoon Venkatesh komt aanfietsen van de school drie kilometer verderop. Niet veel later worden haar twee buffels thuisgebracht door een dorpsgenoot. De buffels leveren de brandstof voor biogas (hun uitwerpselen). Pamamma straalt tevredenheid uit als ze zegt: "Als vrouw alleen is het moeilijk om land te bezitten maar gelukkig heb ik wel twee buffels. Ze geven ieder ongeveer twee liter melk per dag; dat is niet veel maar dankzij hen heb ik nu wel biogas".

Shankaramma is 45 jaar. Ze woont in Kotagal, een klein dorpje, niet ver van Chintamani. Zij verdient haar geld met het maken van bloemendecoraties die vrouwen in hun haar dragen. Af en toe reist ze naar Chintamani om op de markt bloemen te kopen. Meestal koopt ze voor 1,5 kilo bloemen in verschillende kleuren. Ze kan dan 90 armlengten decoraties maken voor 180 roepies. De bloemenslingers verkoopt ze voor ongeveer 4 roepies bij Hindoe tempels in de dorpjes rondom Kotagal. Binnenkort rekent ze bij het Sankrathi-festival op een goede omzet. Vroeger werkte zij als wegwerker. Tien jaar geleden werd ze aangereden door een zandtruck en sindsdien kan ze geen zwaar lichamelijk werk meer doen. Nog steeds heeft ze veel last van haar rug, maar het werken met bloemen gaat goed. In de toekomst hoopt ze een eigen bloementuin aan te kunnen leggen zodat ze niet meer naar de stad hoeft om bloemen te kopen.

Tussen neus en lippen door vertelt Shankramamma over huiselijk geweld. Haar inspanningen voor biogas krijgen zo een extra dimensie. Haar man heeft soms een slecht humeur en kan het maar moeilijk verkroppen dat hij geen kinderen heeft. Ook een tweede vrouw gaf hem geen kinderen. Shankramamma kreeg regelmatig klappen als het eten niet gaar was. Maar tijdens de moesson, als er slechts vochtig hout voor handen is, was het bijna ondoenlijk om de rijst of ragi gaar te krijgen. Nu ze gebruikmaken van biogas, is de sfeer in huis veel meer ontspannen. Als Shankramamma uitgepraat is, slaakt ze een diepe zucht; voor een Indiase vrouw is ze ongebruikelijk openhartig over haar privéleven. Haar moeder, die erbij is komen zitten en het verhaal van haar dochter aan lijkt te horen met een mengeling van zorg en opluchting, knikt instemmend.